Groot-Brittannië won het klassement met twaalf gouden medailles, vijf zilveren en zes bronzen. De ploeg van Frankrijk pakte net als de Britten 23 medailles, maar daarvan waren er minder (negen) goud van kleur. Duitsland werd derde met vier keer goud, één keer zilver en drie keer brons. Rusland viel ondanks een totaal van 22 medailles net buiten het podium. De Russen grossierden vooral in bronzen plakken, dertien stuks. Ze veroverden verder drie gouden medailles en zes zilveren.
Tijdens de vorige EK, twee jaar terug in Helsinki, pakten de Nederlandse atleten twee gouden medailles en drie zilveren. Dat was toen goed voor de achtste plaats in het medailleklassement.
België, moest genoegen nemen met een schamele bronzen medaille, verdiend door de jonge tienkampster Thiam. Een kanshebber bij de 400 meter individueel en estafette, Jonathan Borlee, kwam wegens een blessure niet in actie in de finales.

NL
De Pool Marcin Chabowski ging lang aan de leiding. Met een demarrage uit de grote kopgroep na al 5 kilometer leek het gekkenwerk. De Pool , die pas zijn tweede marathon liep, pakte een voorsprong van ruim een minuut en wist dit na de 25e kilometer nog uit te breiden tot minstens 1.12 minuut. De tussentijd na 30 km was 1.32.19. Terwijll zelfs NOS commentator Haan zich afvroeg of de Pool nog ging verslappen, sloeg de man met de hamer ongenadig toe.Tussen de 30km en 35km liep de Pool, die op de halve marathon van Olomouc ook al (te) snel van start ging, 16.31. De tot dan toe soepel lopende atleet kreeg last van zijn been en ging steeds moeillijker de heuvel op. Kort voor het 35km-punt werd de Pool ingehaald door de Italiaan Daniele Meucci, (die voor dezelfde 5 km 15:15 nodig had) die de leiding nam en niet meer afstond. Marcin Chabowski stapte bij 36km uit, net toen zijn landgenoot (van Afrikaanse komaf) Shegumo hem passeerde. De Rus Reunkov rukte nog op naar de derde plaats en bezorgde zijn land het goud in het landenklassement voor Frankrijk en Zwitserland
.





















